Informatie over nestkasten
Vorm van de nestkast
Bij nestkasten komen de afmetingen niet op een centimeter. In de natuur verschilt een natuurlijke holte ook in grootte. Veel belangrijker is het dat de invliegopening de juiste grootte heeft. Dit bepaalt welke vogel wel en welke vogel niet in een nestkast kan.
De juiste invliegopening voor de juiste vogel
De grootte van de invliegopening is bepalend voor de bewoner van de nestkast. Hier volgen enkele diameters van invliegopeningen:
- 25-28 mm pimpelmees, zwarte mees, glanskop, matkop
- 30-32 mm koolmees, kuifmees, boomklever, bonte vliegenvanger, zwarte mees, pimpelmees
- 34-35 mm huismus, koolmees, boomklever, bonte vliegenvanger
- 40 mm ringmus
- 45 mm spreeuw
- 30 x 50 mm gekraagde roodstaart
Nestkast ophangen
Waar moet u rekening mee houden bij het ophangen van uw nestkast:
- Kies een rustige plek, niet bereikbaar voor katten
- Minimaal op twee meter hoogte
- Zorg voor voldoende beschutting tegen wind en regen
- Zorg voor een vrije aanvliegroute
- De invliegopening het liefst richting het noorden, oosten of noordoosten
- Niet in de felle zon
- Hang meerdere nestkasten minimaal 3 meter uit elkaar
Hoe ophangen?
U kunt uw nestkast ophangen aan een muur, schutting of andere plaats in uw tuin of balkon. Zorg ervoor dat deze stevig hangt. Voor de bevestiging van een nestkast aan een boomstam kunt u het beste aluminiumspijkers gebruiken. Deze roesten niet en zijn er weer makkelijk uit te halen.
Wanneer schoonmaken?
Het oude nest kan worden verwijderd in het najaar (september/oktober), als de jongen zijn uitgevlogen. Reinig het kastje met heet water en een harde borstel. Een bijkomend voordeel is dat u de vogels een schoon winterverblijf biedt.







